Psalmen 145:1-21

Statenvertaling 1637 (SVV)

1Een lofzang van David. [Aleph]. O mijn God, Gij Koning! ik zal U verhogen, en Uw Naam loven in eeuwigheid en altoos.

2[Beth]. Te allen dage zal ik U loven, en Uw Naam prijzen in eeuwigheid en altoos.

3[Gimel]. De HEERE is groot en zeer te prijzen, en Zijn grootheid is ondoorgrondelijk.

4[Daleth]. Geslacht aan geslacht zal Uw werken roemen; en zij zullen Uw mogendheden verkondigen.

5[He]. Ik zal uitspreken de heerlijkheid der eer Uwer majesteit, en Uw wonderlijke daden.

6[Vau]. En zij zullen vermelden de kracht Uwer vreselijke [daden]; en Uw grootheid, die zal ik vertellen.

7[Zain]. Zij zullen de gedachtenis der grootheid Uwer goedheid overvloediglijk uitstorten, en zij zullen Uw gerechtigheid met gejuich verkondigen.

8[Cheth]. Genadig en barmhartig is de HEERE, lankmoedig en groot van goedertierenheid.

9[Teth]. De HEERE is aan allen goed, en Zijn barmhartigheden zijn over al Zijn werken.

10[Jod]. Al Uw werken, HEERE, zullen U loven, en Uw gunstgenoten zullen U zegenen.

11[Caph]. Zij zullen de heerlijkheid Uws Koninkrijks vermelden, en Uw mogendheid zullen zij uitspreken.

12[Lamed]. Om den mensenkinderen bekend te maken Zijn mogendheden, en de eer der heerlijkheid Zijns Koninkrijks.

13[Mem]. Uw Koninkrijk is een Koninkrijk van alle eeuwen, en Uw heerschappij is in alle geslacht en geslacht.

14[Samech]. De HEERE ondersteunt allen, die vallen, en Hij richt op alle gebogenen.

15[Ain]. Aller ogen wachten op U; en Gij geeft hun hun spijs te zijner tijd.

16[Pe]. Gij doet Uw hand open, en verzadigt al wat er leeft, [naar] [Uw] welbehagen.

17[Tsade]. De HEERE is rechtvaardig in al Zijn wegen, en goedertieren in al Zijn werken.

18[Koph]. De HEERE is nabij allen, die Hem aanroepen, allen, die Hem aanroepen in der waarheid.

19[Resch]. Hij doet het welbehagen dergenen, die Hem vrezen, en Hij hoort hun geroep, en verlost hen.

20[Schin]. De HEERE bewaart al degenen, die Hem liefhebben; maar Hij verdelgt alle goddelozen.

21[Thau]. Mijn mond zal den prijs des HEEREN uitspreken, en alle vlees zal Zijn heiligen Naam loven in der eeuwigheid en altoos.